Team Wouw: Rutger, Bianca, David en Niels.

Hoe het begon

Bij een Big Day is het doel simpel: zoveel mogelijk vogelsoorten zien of horen binnen een afgesproken tijd en een set spelregels. Erik en Rutger weten hoe dat gaat, ze hebben het eerder samen gedaan, en Erik ook solo. Maar dit jaar opperde David iets anders. Zou het niet leuker zijn om het een keer groter aan te pakken?

Het idee landde. Erik deed een oproep in de Breda Birding-app, de reacties kwamen snel, en al gauw zaten we met een groep bij de Asterdhoeve om de dag vorm te geven. Twee teams werden geloot. Team Wouw, vernoemd naar de Grijze Wouw, en Team Hop, naar de hop. Vier tegen vier, met een vleugje competitie.

De regels waren helder. Geen Merlin. Alleen waarnemingen binnen de gemeentegrenzen van Breda. Ondersoorten tellen mee als aparte soort. En de belangrijkste: minimaal drie van de vier teamleden moet de vogel gezien of gehoord hebben. Pas dan telt hij. Start zaterdag 18:00, stop zondag 18:00, ergens rond middernacht slapen.

Team Wouw bestond uit Rutger, Bianca, David en Niels. Niels haakte wat later aan, hij wist aanvankelijk niet zeker of hij erbij kon zijn. Ook Sandra haakte later aan bij Team Hop. Zo waren de teams mooi in balans.

Serieuze voorbereiding

Toen Niels aanhaakte, was er al serieus voorbereidend werk verricht; het was menens. Rutger had een gedetailleerde spreadsheet gemaakt. Alle mogelijke soorten ingedeeld op kans: zeker, waarschijnlijk, mogelijk, onwaarschijnlijk. Per soort de beste locaties. Een volledige routeplanning met tijdvakken per gebied. Het schema werd gaandeweg bijgewerkt.

Vogelen is nooit een zekerheid. Een vaste plek is geen garantie, het is een kansvergroting, meer niet. Dat weet je van tevoren, en toch doe je je best om de kansen zo groot mogelijk te maken. Er werd gescouted en gezocht naar vaste verblijfplaatsen waar bepaalde soorten te vinden zouden zijn. Want voor een aantal soorten hadden we nog geen goede plek.

De laatste aanpassing aan het schema was ook meteen de belangrijkste: Weimeren werd toegevoegd, het Ulvenhoutse Bos lieten we schieten. Achteraf een uitstekende keuze.

De avond valt over het park

We startten nabij het Hoge Vucht Park. Via de Wuustwezelstraat, langs de kinderboerderij, door het oostelijke deel van het park. Lopend met de fiets in de hand, langs het water, hoorden we al de Grutto’s en andere soorten. In het deel met veel braamstruweel hoopten we op een Braamsluiper, maar die liet het afweten. In het eerste uur groeide de lijst razendsnel.

Waargenomen: Steenuil, Kauw, Huismus, Ekster, Merel, Koolmees, Gierzwaluw, Turkse Tortel, Tjiftjaf, Zwartkop, Kleine Mantelmeeuw, Houtduif, Ooievaar, Boomkruiper, Meerkoet, Spreeuw, Fuut, Wilde Eend, Knobbelzwaan, Gaai, Waterhoen, Grutto, Pimpelmees, Vink, Grote Bonte Specht, Zanglijster, Groenling, Cetti’s Zanger, Zwarte Kraai, Buizerd, Scholekster, Blauwe Reiger, Kievit, Grasmus, Rietzanger, Rietgors, Boerenzwaluw, Kneu, Kleine Karekiet, Aalscholver

De eerste dip

Via het park gingen we verder over de Zwarte Dijk richting de Waterdonken, voor de IJsvogel, Oeverzwaluw, Zwarte Roodstaart en hopelijk de Waterral. De IJsvogel liet zich horen, maar alleen Niels en Bianca hoorden hem. Rutger en David niet. Drie van de vier, dat is de regel. Nog niet geldig. Omwille van de tijd en de wetenschap dat we hier nog zouden terugkeren, vervolgden we ons pad. De Waterral liet het afweten en zou de hele Big Day een openstaande post blijven. Bianca had hem voor de Big Day zelfs nog van de bank gehoord. Dergelijke missers zouden we tijdens de Big Day nog vaker tegenkomen.

Even schuilen bij Bianca

Gezien het regenachtige weer schuilden we even bij Bianca thuis, onder de carport, onder het genot van een drankje, waarvoor dank Bianca! Zo konden we op ons gemak de Zwarte Roodstaart bijschrijven, die van het ene dak naar het andere vloog en zich vaak liet zien. Het weer knapte op en er was geen tijd te verliezen. We vervolgden de route. Op de terugweg langs de Waterakkers probeerden we de IJsvogel nogmaals, en die keer lukte het wel. Alle vier hoorden hem. Horen is tenslotte ook scoren.

Waargenomen: Oeverzwaluw, Holenduif, Grauwe Gans, Witte Kwikstaart, Krakeend, Kuifeend, Kokmeeuw, Zwarte Roodstaart, IJsvogel

De polder in het laatste licht

Terug op de fiets, de Lage Vuchtpolder in. In de open polder volgden de soorten elkaar snel op: Veldleeuwerik, Graspieper, Tureluur, Bosruiter, Bruine Kiekendief, Zilvermeeuw en Grote Zilverreiger. Aan het begin van de middenweg stonden wat koeien te grazen. We namen een kijkje voor de Gele Kwikstaart. Het waren er meer, en tussen de Gele Kwikstaarten zag Rutger mogelijk ook een Noordse Kwikstaart. De scope erop, en ja hoor. We zagen hem allemaal. Als ondersoort telt die apart mee op de Big Day-lijst. Een welkome bonus.

Bij de knotwilgen, in de bocht, liet een Dodaars zich horen. We stonden daar even stil. We zochten wat hoogte op; de warme dagen van afgelopen tijd zorgden voor veel groen in de polder, het zicht was daardoor wat minder.

Niels stond op een van de palen en zag een vogel snel voorbij scheren. Het was een Boomvalk. ‘Boomvalk!’ luidde zijn reactie, maar zijn enthousiasme overstemde de efficiëntie. Het lukte Niels niet om de locatie en richting van de Boomvalk enigszins begrijpelijk te reproduceren naar de rest. De vogel had veel snelheid, Niels veel enthousiasme, maar te weinig tijd. Een duidelijke les voor de rest van de Big Day; de Boomvalk telde niet.

De Kwartel werd ook nog geprobeerd, maar helaas zonder succes. We speurden nog wat paaltjes af aan het Moerdijkje. Een paal trok de aandacht, er zat een vogel op. Mogelijk een Paapje. De scope erop, en check: het Paapje was een feit. Met deze soort kwam een einde aan het bezoek aan de Lage Vuchtpolder. Terug naar het startpunt.

Waargenomen: Visdief, Graspieper, Noordse Kwikstaart, Gele Kwikstaart, Veldleeuwerik, Grote Zilverreiger, Bosruiter, Tureluur, Dodaars, Bergeend, Zilvermeeuw, Groene Specht, Paapje, Bruine Kiekendief, Torenvalk

De Vierde Bergboezem in het donker

Twee fietsen lagen in de auto, de andere twee hingen achterop het rek van Rutger. We reden door richting de parkeerplaats bij de Asterdplas, om daarna verder te gaan op de fiets. Warme kleren aan, want de avond koelde snel af. Rutger had een paar dagen eerder een Ransuil-nest ontdekt. Hij had eerder een Ransuil met een prooi zien vliegen richting een boom. Na een herhaalbezoek bleek er een nest te zijn. Ideaal voor de Big Day. We benaderden de plek met respect, zagen een takkeling in de boom zitten en konden de Ransuil bijschrijven.

Daarna door naar het Snippenveld aan de Rietdijk, op zoek naar de Watersnip. Die zagen we niet; grote kans dat hij er wel zat, maar het werd al donker en het zicht een stuk minder. Volgende dag een nieuwe kans.

We reden een stukje terug richting het Haagse Beemdenbos, waar we de Nachtegaal hoopten te horen. Die lukte! Onderweg pikten we ook de Sprinkhaanzanger op. Bianca hoorde hem, Niels ook, en toen Rutger een paar meter dichterbij kwam, hoorde hij hem ook. We konden hem bijschrijven.

Op een plek waar Erik, Niels en Rutger eerder tijdens een avond nachtvlinderen een Houtsnip hadden zien baltsen, wachtten we geduldig. Het duurde niet lang en de Houtsnip meldde zich. Niet geheel onverwacht stond Team Hop er ook. De Houtsnip was niet de enige doelsoort voor de avond; beide teams hoopten tegelijkertijd ook een Bosuil te horen. Wij besloten een paar meter verderop te gaan staan. Dat maakte discreet overleg ook mogelijk. De zachtaardige rivaliteit zorgde ervoor dat er weinig werd prijsgegeven. Achteraf was het opschuiven een slechte keuze: Team Hop hoorde de Bosuil wel, wij niet. Die zou de hele Big Day niet meer gehoord worden.

De buienradar bepaalde het einde van de avond. De regen zou er hard ingooien, met onweer erbij. We pakten in en gingen naar huis. Rutger bracht Bianca thuis, David bracht Niels thuis. Dag 1 eindigde op 69 soorten. Afspraak: zondag 06:00 in het Mastbosch.

Waargenomen: Ransuil, Koekoek, Sprinkhaanzanger, Nachtegaal, Houtsnip

Het Mastbosch bij zonsopgang

We spraken af bij de parkeerplaats bij de Boschwachter. Rutger en Bianca waren er al. Niels en David iets later. Ter hoogte van het Wilhelminapark merkte David dat hij een verrekijker had vergeten en moest omrijden. Direct bij aankomst meldden Roodborst en Winterkoning zich, een vertrouwde opening voor een bosdag.

Als eerste gingen we naar een vaste plek waar de Zwarte Specht veel wordt gezien. Die gaf niet thuis. We besloten door te gaan naar de Fluiter, die al een aantal dagen was gemeld in het Mastbosch. Op de heenweg konden we al een Gekraagde Roodstaart en een Boompieper bijschrijven. Onderweg troffen we ook het andere team, Erik liet plagend weten dat de Fluiters er niet meer zaten. De verse bandensporen in het natte zand spraken echter een andere taal. De Fluiter zelf lukte ook.

Waargenomen: Roodborst, Winterkoning, Staartmees, Gekraagde Roodstaart, Goudhaan, Boompieper, Fluiter, Kuifmees, Grauwe Vliegenvanger

Een pijnlijke misser

Volgens plan vertrokken we vanaf de Fluiter naar Overa, in de hoop op een Grauwe Klauwier. Niet gevonden. Wel een Roodborsttapuit en een Fitis erbij. We vervolgden ons pad richting de Galderse Heide.

Via de heide naar het Ven. Team Hop stond er ook. Ervaringen werden voorzichtig uitgewisseld; het viel wat tegen bij het Ven, was de conclusie van beide teams. We besloten om het Ven heen te rijden, mede omdat Team Hop stond op een plek waar ook wel eens een Appelvink zit, en die locatie wilden we niet prijsgeven. Tactisch verantwoord.

Precies op het moment dat wij wegreden, vloog er een Wielewaal over. Team Hop zag hem. Wij niet. Die misser hebben we die dag nog een paar keer moeten aanhoren. En die brandt nog steeds een beetje na.

Maar de heide gaf ook. Boomleeuwerik zingend en baltsend in vlucht boven de open vlakte. En tijdens de omlooproute vonden we ook twee Goudvinken. Onderweg deelde David een leuke anekdote over hoe hij op deze plek ooit een forse roofvogel op de foto zette, die later een Schreeuwarend bleek te zijn.

Eenmaal aangekomen namen we de tijd om wat bomen te inspecteren en over het Ven te turen. Rutger hoorde iets in een nabijgelegen zomereik. Hij keek en zag een Kruisbek. Later bleken het er twee te zijn. We knepen onze handen ineen, nog niet wetend dat we een paar minuten eerder waren gepasseerd door een overvliegende Wielewaal. Uiteindelijk meldde op dezelfde plek ook de Appelvink zich. Kleine Plevier, Wintertaling en twee overvliegende Lepelaars zagen we ook.

Jonge Kruisbek in een zomereik
Jonge Kruisbek in de zomereik bij het Ven. Foto: David Janssens

Waargenomen: Roodborsttapuit, Fitis, Tuinfluiter, Wintertaling, Oeverloper, Kleine Plevier, Boomleeuwerik, Bonte Vliegenvanger, Goudvink, Boomklever, Kruisbek, Lepelaar, Appelvink

De afronding in het bos

We bevonden ons al een tijdje in het Mastbosch, maar hadden nog niet alles wat we hier moesten oppikken. Soorten als de Zwarte Specht, Zwarte Mees en Vuurgoudhaan hadden we nog niet. De ochtend werd enigszins ontsiert door een niet-vindbare Vuurgoudhaan. Na meerdere zoekpogingen kozen we eieren voor ons geld; liever een uur winst dan blijven zoeken naar een vogeltje van een paar centimeter.

De Zwarte Specht liet zich uiteindelijk horen, en even later zagen we hem ook. Dat gold ook voor de Zwarte Mees. Een uur eerder dan gereserveerd meldden we ons bij de Boschwachter voor een geplande lunch. We kozen een mooie plek uit met uitzicht op een andere doelsoort: de Middelste Bonte Specht. En ja, vanuit onze terrasstoelen konden we die ook toevoegen, evenals de Heggenmus. Twee soorten terwijl je een broodje eet. Dat is efficiënt vogelen.

Waargenomen: Zwarte Specht, Zwarte Mees, Middelste Bonte Specht, Heggenmus

De droomsoort die niet thuis was

Vanaf de Boschwachter gingen we door naar de Baronielaan voor de Slechtvalk. Die zat rustig boven in de kerktoren. Op precies dat moment wees David Niels op een melding in de app-groep: een Grijze Wouw was gezien bij de Vierde Bergboezem. Ons team is vernoemd naar de Grijze Wouw. Een aantal keer was zijn naam gevallen in onze teamapp als mogelijkheid bij goede condities. Dit was de droomsoort van de Big Day. Even slikken.

Met een paar snelle stops op de route: Roek bij de Doornbos, die lukte. Daarna naar de Emerput voor de Geoorde Fuut, maar die gaf niet thuis. We reden door naar de Vierde Bergboezem, waar ook Team Hop al stond. Beide teams stonden beteuterd in de regen; geen Grijze Wouw te bekennen. Niet geheel verrassend, want de fraaie roofvogel was in de ochtend gezien en het was inmiddels begin van de middag. Wel konden we hier nog een Snor, Blauwborst en een Brandgans bijschrijven. Daarna direct door naar Weimeren.

Waargenomen: Slechtvalk, Roek, Huiszwaluw, Snor, Brandgans, Blauwborst

Het smalle straatje dat alles goedmaakte

Rutger had meerdere kijkpunten in Weimeren uitgestippeld. Het eerste was een nauw, doodlopend straatje. Aan het einde een bouwhek met een doorgang voor het bouwverkeer en een heuveltje van opgegraven zand. Vanaf dat heuveltje prima zicht over het terrein, een gebied dat volop wordt ingericht als natuur en waar vogels nu al dankbaar gebruik van maken.

Rutger en Bianca waren als eerste opgesteld. Toen Niels en David aanliepen, had Rutger de eerste Stormmeeuwen al ontdekt en kondigde hij ze vrijwel direct aan. Even later enthousiast: ‘Zwarte Sterns!’ Dat was onverwacht. Dat nam de zure nasmaak wel weg van de misser eerder die dag. Ook zagen we een overvliegende Watersnip en kwam er een Putter ter plaatse.

De opbrengst was goed. Daarna het straatje achteruit uit; keren was te krap met het fietsenrek achterop. David was al vertrokken. Niels, Bianca en Rutger zouden nog een tweede plek checken, vlakbij. Langzaam en met beleid reden we achteruit de nauwe bouwoprit af. Terwijl Rutger zich concentreerde op het rijden en Niels het optiek afdroogde, keek Bianca goed om zich heen. Bijna aangekomen bij de weg riep Bianca: ‘Kijk hiernaast, twee Patrijzen in het veld!’ Dat was mooi. David was al doorgereden, snel gebeld. Hij kwam terug. Alle vier gezien. Check.

Zwarte Stern boven het water in Weimeren
Zwarte Stern boven Weimeren. Foto: David Janssens

Waargenomen: Stormmeeuw, Watersnip, Zwarte Stern, Kluut, Putter, Patrijs

Trekkende roofvogels

Bij het volgende punt raakten we elkaar even kwijt. Een telefoontje zorgde ervoor dat we elkaar weer zagen bij de laatste stop: de parkeerplaats aan de Mark. Te voet verder, met de scope. We maakten meerdere stops en keken. We hoorden een Groenpootruiter. En een eend die in een lastige houding lag; lang kijken, van hoek wisselen. Het bleek een Pijlstaart te zijn. Die kon ook aan de lijst worden toegevoegd.

Het weer leek te verslechteren. We zagen meer roofvogels overvliegen dan eerder die dag. Er zat beweging in de lucht. Vogels trokken voor de bui uit. Rutger pikte een grote roofvogel op boven het gebied. Hij keek goed en aandachtig: ‘Visarend!’ En vlak daarna drie silhouetten. ‘Twee Wespendieven en die derde ook, drie stuks.’ De blijdschap was duidelijk zichtbaar, en terecht: een onverwachte en fantastische aanvulling op de lijst.

Waargenomen: Groenpootruiter, Pijlstaart, Visarend, Wespendief

Tim zag nog wat bewegen

Terwijl we nog op Weimeren liepen, kregen we via de Breda Birding-app een melding van Tim van Oerle: Braamsluiper in zijn tuin. We waren toch in de buurt en dachten: daar moeten we langs. Aangekomen werden we ontvangen door Tim, die de plek aanwees en zelf al klaarstond met kijker en camera. Hij had de vogel al even niet meer gezien. Tim stelde voor om het ook achter in de tuin te proberen. We liepen die kant op, niets. We draaiden ons al om toen Tim ons terugriep: hij zag toch weer beweging in de bosjes. We keken, en de Braamsluiper liet zich zien. Alsnog bijgeschreven.

Braamsluiper tussen groen blad
Braamsluiper in de tuin van Tim. Foto: Tim van Oerle

Waargenomen: Braamsluiper

Nog even scherp blijven

Geen tijd te verliezen. Nog wat gaten op te vullen: Sperwer, Kleine Bonte Specht, Havik, Slobeend. We fietsten om het Haagse Beemdenbos heen naar een plek met veel dode populieren. De Havik liet zich horen. Na een kwartier wachten vloog de Kleine Bonte Specht uit het bos en ging op een tak zitten. Alle vier konden hem zien. Bijgeschreven. De Slobeend werd nog gezocht, elk stukje water gescand, maar niet gevonden. Ook de Sperwer liet zich niet zien.

Waargenomen: Havik, Kleine Bonte Specht

De eindrace in het laatste stukje

We besloten door te rijden via de Vierde Bergboezem richting de telpost bij Rooskensdonk. We namen plaats en keken, goed wetend dat we efficiënt moesten zijn. Scherp zag David een Tapuit in het akkerland op flinke afstand, die hadden we nog niet. Bij het opnemen van de tussenstand zagen we een discrepantie in het aantal soorten. Niels en Bianca hadden er één meer dan Rutger. De Snor bleek niet geregistreerd te zijn; Rutger had hem niet ingevoerd. Alsnog bijgeschreven. We zaten nog maar één soort verwijderd van de evenaring van het record: 116 soorten.

We gingen terug richting de Asterdhoeve, via het Snippenveld, met nog een paar minuten op de klok. We keken nog even bij het Snippenveld aan de Rietdijk. Het werd de allerlaatste stop. En ja, daar zaten onder andere een Zomertaling en een Kemphaan. Precies op tijd. De teller stond op 117. Terug naar de Asterdhoeve, met een nieuw record in de pocket.

Waargenomen: Tapuit, Zomertaling, Kemphaan

De eindtelling

Beide teams aan tafel. We gooiden onze kaarten stap voor stap op tafel. Eerst de schaamsoorten. Wat had je gemist? Dan de knallers: top vijf per team. Wielewaal aan de kant van Team Hop, maar ook Bosrietzanger, Purperreiger, Stormmeeuw en Pijlstaart. Zwarte Stern, Wespendief, Visarend, Noordse Kwikstaart en Patrijs aan onze kant. Dan de grote vraag: hoeveel? ‘Begint jullie eindgetal ook met een 1 en daarna nog een 1?’ ‘En eindigt jullie getal ook op een 7?’ vroeg Erik. Er werd bevestigend gereageerd door Team Wouw. Beide teams: 117. Het oude record van 116 verbroken, door allebei, tegelijk, op precies hetzelfde getal. Geen winnaar, geen verliezer. Wel een gedeeld record en een dag die we niet snel vergeten.

Soortenlijst team Wouw

117 soorten, in volgorde van waarneming.

Zaterdag 2 mei

  1. Steenuil
  2. Kauw
  3. Huismus
  4. Ekster
  5. Merel
  6. Koolmees
  7. Gierzwaluw
  8. Turkse Tortel
  9. Tjiftjaf
  10. Zwartkop
  11. Kleine Mantelmeeuw
  12. Houtduif
  13. Ooievaar
  14. Boomkruiper
  15. Meerkoet
  16. Spreeuw
  17. Fuut
  18. Wilde Eend
  19. Knobbelzwaan
  20. Gaai
  21. Waterhoen
  22. Grutto
  23. Pimpelmees
  24. Vink
  25. Grote Bonte Specht
  26. Zanglijster
  27. Groenling
  28. Cetti’s Zanger
  29. Zwarte Kraai
  30. Buizerd
  31. Scholekster
  32. Blauwe Reiger
  33. Kievit
  34. Grasmus
  35. Rietzanger
  36. Rietgors
  37. Boerenzwaluw
  38. Kneu
  39. Kleine Karekiet
  40. Aalscholver
  41. Oeverzwaluw
  42. Holenduif
  43. Grauwe Gans
  44. Witte Kwikstaart
  45. Krakeend
  46. Kuifeend
  47. Kokmeeuw
  48. Zwarte Roodstaart
  49. IJsvogel
  50. Visdief
  51. Graspieper
  52. Noordse Kwikstaart
  53. Gele Kwikstaart
  54. Veldleeuwerik
  55. Grote Zilverreiger
  56. Bosruiter
  57. Tureluur
  58. Dodaars
  59. Bergeend
  60. Zilvermeeuw
  61. Groene Specht
  62. Paapje
  63. Bruine Kiekendief
  64. Torenvalk
  65. Ransuil
  66. Koekoek
  67. Sprinkhaanzanger
  68. Nachtegaal
  69. Houtsnip

Zondag 3 mei

  1. Roodborst
  2. Winterkoning
  3. Staartmees
  4. Gekraagde Roodstaart
  5. Goudhaan
  6. Boompieper
  7. Fluiter
  8. Roodborsttapuit
  9. Fitis
  10. Tuinfluiter
  11. Wintertaling
  12. Oeverloper
  13. Kleine Plevier
  14. Boomleeuwerik
  15. Bonte Vliegenvanger
  16. Goudvink
  17. Boomklever
  18. Kruisbek
  19. Lepelaar
  20. Appelvink
  21. Kuifmees
  22. Grauwe Vliegenvanger
  23. Zwarte Specht
  24. Zwarte Mees
  25. Middelste Bonte Specht
  26. Heggenmus
  27. Slechtvalk
  28. Roek
  29. Huiszwaluw
  30. Snor
  31. Brandgans
  32. Blauwborst
  33. Stormmeeuw
  34. Watersnip
  35. Zwarte Stern
  36. Kluut
  37. Putter
  38. Patrijs
  39. Groenpootruiter
  40. Pijlstaart
  41. Visarend
  42. Wespendief
  43. Braamsluiper
  44. Havik
  45. Kleine Bonte Specht
  46. Tapuit
  47. Zomertaling
  48. Kemphaan